Interview met Wouko en Janneke
Snijder • januari 2005
Enkele weken geleden is Wouko Snijder (43) uit Hoogeveen teruggekeerd uit
Roemenië. Zo’n drie keer per jaar reist hij naar dit land, dat
nog zoveel armoede kent, af. Snijder is hét gezicht van Stichting
Vrienden voor Roemenië. Ruim vijf jaar geleden besloot hij tot oprichting
ervan. Zijn doelstelling: het ondersteunen van Roemeense gezinnen. Veelal
grote, kansarme gezinnen, die dagelijks kampen met armoede en ziekte.
De werkloosheid in het land is groot en als er al werk is, is de beloning
miniem. Ouderen die moeten rondkomen van tachtig euro per maand, waarvan
de helft al opgaat aan gas, water en licht, zijn er geen uitzondering.
De Hoogevener probeert met zijn christelijke stichting op een kleinschalige
manier in deze nood te voorzien. Met de nadruk op kleinschalig, want
op die manier hoopt hij het persoonlijk contact te behouden. Een gesprek
met een avonturier met het hart op de goede plaats.
Door Nicole Donkervoort
‘Jezus was in Kapernaum. Vier mannen kwamen met een verlamde op
een draagbaar. Zij wilden naar Jezus toe, maar konden niet bij Hem komen.
Daarom gingen ze het platte dak op en maakten daarin een groot gat vlak
boven de plaats waar Jezus stond. Daarna lieten ze de verlamde door het
gat zakken. Jezus zag, dat zij er gewoon niet aan twijfelden of Hij hun
vriend zou helpen.’ - Matthéüs 2:1-5 uit ‘Het
Boek’, verkorte
versie.
De tekst is veelzeggend voor Wouko Snijder. De menselijke nood
die deze vier mannen bewoog, heeft hem gegrepen. Het heeft hem in 1999
mede geïnspireerd tot de oprichting van Stichting Vrienden voor
Roemenië.
,,Als kind had ik een vriendje waarvan de moeder regelmatig naar Roemenië ging.
Zij vertelde van alles over het land. Destijds al heb ik gezegd: daar
wil ik ook eens kijken.’’ Die kans kreeg Snijder, die van
huis uit beroepschauffeur is en tegenwoordig een autorijschool runt,
toen hij de vraag kreeg voorgelegd als chauffeur mee te gaan met een
hulpverleningsorganisatie. Aangezien rijden zijn lust en zijn leven is,
zei hij ‘ja’. Meerdere keren bereikte hij op die manier Roemenië.
,,Ondertussen
hadden we kennisgemaakt met een familie in Brasov, een plaats tien keer
zo groot als Hoogeveen gelegen in het berggebied middenin Roemenië.
We zijn er op vakantie geweest en ze vroegen ons of we konden helpen
bij wat handel in fietsen. Dat bleek geen succes omdat we tegen allerlei
regeltjes aanliepen. Van daaruit kreeg ik vervolgens de vraag voorgelegd
of ik op een andere wijze hulp kon verlenen. In eerste instantie dacht
ik: wat moet ik daarmee? Op het moment dat je met eigen ogen de triestheid
van veel gezinnen ziet, ben je echter om.’’
Wouko Snijder is betrokken bij de Evangelische Gemeenschap Hoogeveen.
Hij besloot zijn verhaal daar te vertellen en te proberen vrienden mee
te krijgen. Met een aantal mannen reisde hij naar Roemenië af zodat
zij met eigen ogen de situatie konden aanschouwen en er gevoel bij zouden
krijgen wat er allemaal nodig is. Van het een kwam het ander. ,,Je gaat
ermee bezig en door er met elkaar over te praten kwamen meerdere ideeën
boven. Het leidde onder meer tot de oprichting van de stichting. Het
bestuur bestaat uit vijf personen. Zij houden in de gaten of ik niet
te veel geld uitgeef en niet te veel beloof’’, vertelt de
rijschoolhouder lachend.
Voedselpakketten
Begonnen werd met het verstrekken van
voedselpakketten. Inmiddels worden maandelijks voedselpakketten afgeleverd
bij een twaalftal gezinnen. Zeven vaste adressen en vijf die rouleren.
Geen pakketten bestaande uit producten die zijn aangeschaft in Nederland,
maar met producten uit het land zelf. Niet zonder reden. ,,Wij willen
op deze manier onder meer de economie helpen en je hebt het voordeel
dat je er verse producten in kan doen.’’ De
pakketten, met een waarde van 25 euro per pakket, bestaan onder meer
uit boter, olie, brood, eieren, koekjes, snoepgoed voor de kinderen,
wasmiddelen en dergelijke. Gewerkt wordt met een contactpersoon ter plekke,
Dumitru Marcu. Hij weet waar hulp nodig is, kent de gezinnen, bekijkt
hun situatie en distribueert de goederen.
De stichting doet echter meer. Onlangs nog kwam er een noodkreet van
ouders met een zoon die kokend water over zich heen heeft gekregen. De
brandwonden waren ernstig. Goede zalf was in de ziekenhuizen niet voorhanden.
Snijder wist in Hoogeveen via een bevriende arts aan zalf te komen en
heeft die opgestuurd. Het jongetje bleek er enorm bij gebaat. Een operatie
kon voorlopig worden uitgesteld omdat de zalf zo goed aansloeg. Snijder
toont foto’s van het jongetje. Een deel van zijn bovenlijf is ingepakt
in verband. Ook op zijn hoofd zijn lelijke wonden te zien.
Vader en moeder
Paduret woonden met hun tien kinderen in een abominabel slecht tweekamerappartement.
Dankzij de ondersteuning van de Hoogeveense stichting hebben zij een
vierkamerappartement kunnen betrekken. De stichting wist voldoende geld
daarvoor bijeen te krijgen door de actie ‘Geef
ze de ruimte’ op te zetten. Al eerder is een gezin aan een groter
huis geholpen. In het verleden hebben tevens vijf gezinnen een nieuwe
wasmachines ontvangen. Daarnaast probeert de stichting bedrijfjes te
helpen opstarten, zodat de Roemenen in de toekomst een zelfstandig bestaan
kunnen opbouwen, waardoor het leven van menig gezin draaglijker gemaakt
kan worden. Zo is onder meer plastic geleverd aan een kweker van paprika’s.
Hierdoor kon hij kassen maken, waardoor hij eerder met de vruchten op
de markt kon komen. Het zijn slechts enkele voorbeelden.
,,Het is misschien
kleinschalig allemaal, maar het staat heel dicht bij de mensen zelf.
We hebben daardoor een bijzondere relatie met hen kunnen opbouwen. Relatiebouw
vinden we heel belangrijk. Pas dan zie je ook wat er werkelijk nodig
is. De keus was: voor een grote groep een kleine beetje kunnen doen of
met een kleine groep de diepte in. Wij hebben voor dat laatste gekozen.’’
Tranen met tuiten
Sinds drie jaar organiseert de stichting tevens zomerkampen in het
Roemeense. Met een zevental Hoogeveense jongeren in de leeftijd van
16 tot en met 21 jaar van de Evangelische Gemeenschap wordt twee weken
afgereisd naar een primitieve kampeerboerderij, waar tevens een aantal
Roemeense jongeren, zowel uit arme als middenklasse gezinnen, zich
bij de groep aansluit. Gezamenlijk doen zij onder meer aan bijbelstudie,
sport en spel en ook worden geregeld bergtochten gemaakt. ,,Er is geen
stromend water, geen riolering, geen gas, geen elektriciteit. Het wassen
gebeurt bijvoorbeeld in de rivier. Ja, dat is even wennen, maar omdat
er niets anders is zijn de jongeren erg op elkaar aangewezen. Bij het
afscheid worden dan ook steevast tranen met tuiten gehuild.’’ De
Hoogevener toont een grote tekening gemaakt door de jongeren. Het beeldt
de achterkant van een ansichtkaart uit. Daarop staat de alleszeggende
tekst: Dear God, thank You for this vacation. Het adres luidt: Angelstreet,
Heaven.
Tijdens het laatste zomerkamp werd de Roemeense jongeren de
vraag voorgelegd wat zij zouden willen doen voor de gemeenschap als zij
duizend euro zouden ontvangen. Daaruit kwam naar voren dat zij graag
eens per maand een warme maaltijd zouden willen aanbieden aan ouderen
die het zwaar hebben. ,,Ik vind het een prachtig initiatief dat wij graag
ondersteunen. De maaltijd wordt geserveerd in het kerkgebouw aan zo’n
zeventig tot tachtig ouderen. Het is een succes’’ Snijder
straalt zichtbaar als hij erover vertelt.
In april staat de volgende reis gepland.
De Hoogevener hoopt er met wederom een aantal leden van de Evangelische
Gemeenschap heen te reizen. Hij kan haast niet wachten tot het zover
is. ,,Ik ben een avonturier en kan niets mooiers bedenken dan autorijden.
Ik popel nu alweer om er heen te gaan. Het is bovendien een prachtig
mooi land met prachtige mensen. Je wordt er met open armen ontvangen.
De mensen zijn er zo dankbaar. En ja, soms sta je uren bij de grens
te wachten, maar dat heeft wel iets gezelligs. We lachen veel met elkaar,
ondanks alle ellende. En dat is goed.’’
|